Ik train niet meer zo barbaars

Ik train niet meer zo barbaars

Atlete Stella Jongmans neemt komend weekeinde deel aan het NK in Sittard. Na veel blessureleed kroop de Nootdorpse 800 meter loopster vorig jaar langzaam uit een diep dal. Inmiddels zit ze naar eigen zeggen ‘voor tachtig procent’ op haar oude niveau. “Ik blijf een offensieve loopster. Aard van het beestje, hè”.

NOOTDORP | Aan de vooravond van de nationale titelstrijd, komend weekeinde bij AV Unitas Sittard, wordt Stella Jongmans geplaagd door een rugkwetsuur. Kwaaltjes, pijntjes, flinke blessures, de 31-jarige 800 meter loopster uit Nootdorp heeft het allemaal meegemaakt. Fysieke klachten komen altijd ongelegen, zeker zo vlak voor een wedstrijd als het NK.
” Het is een blokkade in de rug, ik had er al last van in Hengelo (waar ze derde werd in de Fanny Blankers Koen Games, red.)”, zegt de atlete Haag Atletiek. “Het probleem ligt bij de rotatie van m’n bovenlichaam. Op de baan moet je tijdens het lopen een beetje naar links roteren, maar ik ging naar rechts. Het gaat al een stuk beter, ik loop sowieso in Sittard”, zegt Jongmans die naar eigen zeggen ‘voor tachtig procent’ op haar niveau zit.
Ze is erop gebrand de loopster van weleer te worden; een ranke loopster die, met haar markante krullen die zwierig zwaaiden (‘Ik heb nu een kort koppie’), in de jaren negentig zoetjesaan een boegbeeld begon te worden op de 800 meter. Ze stond bovenal te boek als een atlete die de aanval nimmer schuwde en met deze tactiek ook grote triomfen vierde. Vanaf 1991 liet ze veertien nationale titels in deze discipline op haar palmares bijschrijven. Een definitieve, internationale doorbraak wilde ze realiseren toen ze met haar trainer Haico Scharn brak en in 1999 naar Oost-Duitsland trok waar ze haar heil zocht bij Thomas Springstein. Deze kampioenenmaker had onder anderen 400 meter loopster Grit Breuer en topsprintster Katrin Krabbe onder z’n hoede. De strenge trainingsaanpak die bij de oosterburen werd toegepast was haar niet onbekend. Nochtans ging ze, zoals ze zegt, ‘open minded’ naar Maagdenburg.
” Ik bleef er tot eind 2000. Een ontzettend zware periode. Achttien keer in de week getraind. Raakte oververmoeid. M’n lichaam was dat niet gewend. Ik ben eigenlijk nu nóg herstellende ervan. Ik kwam van de ene in de andere blessure: een ontstoken SI-gewricht (lage rug, red.), een gescheurde hamstring in m’n rechterbeen, scheurde een voetpees, verrekking van de hamstring in m’n linkerbeen. Ik miste hierdoor de kwalificatie voor de Spelen (Sydney, red.)”.

Eenzaam

Het was niet louter fysieke malheur die haar trof. Jongmans, die overigens haar studie commerciële economie aan de Haagse Hogeschool twee jaar stopzette maar nadien deze weer oppakte, moest ook een psychische barrière zien te overwinnen. “Ik zat er helemaal doorheen. Ik was er eenzaam, leidde een kluizenaarsbestaan. Toen ik terugkwam, had ik helemaal geen zin meer. Het vaatje was leeg. In 2001 ben ik een trainer gaan zoeken en een groepje lopers om iets op te bouwen. Ik kwam bovendien bij Henk de Gier (mentale trainer, red.) terecht. Hij zei: het lijkt wel of je geëxplodeerd bent. Zo was het inderdaad. Hij heeft me weer in het gareel gebracht. Sinds september heb ik ook een andere trainer, Paul Wernert van Haag Atletiek. Ik loop nu op zijn schema’s en dat gaat goed. En, Paul luistert naar me, heel belangrijk. De intensiteit van de trainingen is nog wel hoog, maar het grote verschil met Oost-Duitsland is dat ik nu veel meer rust neem. Ik train niet meer zo barbaars. Wat ik geleerd heb? In elk geval heb ik een hoop levenservaring opgedaan en ik heb doorgezet. Er zijn maar weinig atletes die zo getraind hebben”.
In augustus wil ze graag aan het EK in München deelnemen. Ze moet hiervoor de vereiste limiet van 2.01 lopen. “Nu loop ik 2.02, 2.01. Onder de twee minuten? Dat zou wel heel erg mooi zijn. Je moet niet vergeten dat ik nu pas, na drie seizoenen, volledig terug begint te komen. Ik mis nog het wedstrijdritme. Ik merk weliswaar vooruitgang, maar ik denk dat het voor mij reëel is om me op de Spelen van Athene in 2004 te richten”.
Vorig jaar tijdens het NK in Tilburg verkeerde ze nog niet in de omstandigheid een toptijd neer te zetten. Dit keer profileert ze zich weer wellicht als de atlete met allure. “Meestal liepen ze destijds bang achter me. Ik denk ook dat de concurrentie, Anjolie Wisse (haar clubgenote, red.), Lotte Visschers en Carina van Dorp, weer bekeken zal lopen. Geen van drieën neemt het initiatief. Ik? Offensief, denk ik. Aard van het beestje, hè”.

Deel dit bericht